Onze 2e Whisky Trail

2 oktober 2004

De dag van vertrek is aangebroken, na 2 jaar gaan we weer op kruistocht door Schotland. Het was om half 9 verzamelen en iedereen was om kwart voor 9 aanwezig. Na een bak koffie werden de tassen in 2 auto's geladen. We werden geacht alles in een sporttas te doen i.v.m. de ruimte in de huurauto. Enige paniek brak uit toen Frans en Frits met tassen tevoorschijn kwamen waar normaal gesproken een heel team hun sportuitrusting in vervoerd. We hebben het dan niet over een damteam maar een ijshockeyteam. Frits zijn tas werd voor 75% leeggehaald. 4 truien, 4 broeken, 12 t-shirts, 7 onderbroeken en 5 paar sokken bleven in Dordrecht achter.
Met de rest moest hij het nog makkelijk kunnen redden om fris en fruitig een week door Schotland te reizen. De reis verliep voorspoedig, we waren mooi op tijd op Schiphol en het vliegtuig vertrok op schema. In Glasgow de auto opgehaald en toen vertrokken we voor een rit van ruim 3 uur naar Tomdoun. Om een uur of 6 's avonds waren we bij ons huisje gearriveerd en konden we onze tassen uitpakken en wat gaan eten.
Voor de eerste dag stond er nasi op het menu (bedankt Ciska voor het maken, het was heeerlijk). Tijdens het eten vlogen de Koot en Bie conferences over tafel en was voor Frits natuurlijk weer een hoofdrol weggelegd. Uit Frits zijn (bijna leeggehaalde) tas kwamen voor ons toch nog een paar essentiële dingen te voor schijn. Zijn vrouwtje Diana had zijn tas ingepakt en was ons goed gezind. Zo kwam er een spuitbus toilet verfrisser en een fles geurvreter/schoenenspray tevoorschijn.(thanx Diana).

3 oktober 2004

Het is vandaag relaxdag, een beetje vissen dus. Dat er goed gevangen werd bleek wel uit het feit dat na een kwartier de 1e hengel al gebroken was en dat we tot onze knieën in de zalmen stonden, hier is dus echt geen kunst aan en heeft met vissen niets te maken. We besluiten om naar Eilean Donan Caste te gaan, en het kasteel te bezoeken, hier hadden we 2 jaar geleden geen tijd voor. Het kasteel is helemaal nog in de oude stijl en er valt goed te zien hoe het er vroeger aan toe ging.
Binnen mocht er niet gefotografeerd worden dus het zijn alleen plaatjes van de buitenkant van het kasteel. De rest van de dag doen we rustig aan want morgen komt de zware trip naar Springbank, wat een autorit is van dik 4 uur. Na ons helemaal rond gegeten te hebben aan de zelf gevangen en gerookte zalm, hum hum, worden de camera's in orde gebracht voor de volgende dag en kan er een drankje ingeschonken worden.

4 oktober 2004

Om half 7 zijn de eersten al op en gaat de geur van gebakken eieren met bacon door het huis. Na een stevig ontbijt gaan we om klokslag 8 uur weg. Sommige zijn aardig fit anderen geradbraakt, het monster van Loch Ness had enige leden door zijn gesnurk de hele nacht wakker gehouden. Onderweg naar Springbank zien we weer vele mooi gebieden, het is steeds weer anders en mooier. Er wordt ook nog een paar keer gestopt om te filmen en te fotograferen. Om 10 uur drinken we in Oban een bakkie en 3 kwartier later gaat onze tocht verder naar de Springbank distilleerderij.

Precies om half 2 staan we op de stoep en even later komt Kathie aanzetten. Kathie gaat ons de rondleiding geven, vorig jaar op het whiskyfestival hadden we met haar die afspraak al gemaakt. We mogen alles filmen en fotograferen. We lijken wel een stel Japanners, de ene foto na de andere wordt geschoten en zien dan dat er bij Springbank de laatste 80 jaar weinig veranderd is. Geen hightech apparatuur maar alles zoals het vroeger was. Na de tour vroeg ze of we hun nieuwe distilleerderij wilden zien. Dat wilden we natuurlijk wel. De distilleerderij heet Glengyle. Ze moest even de sleutel op kantoor pakken en na een 700 meter gelopen te hebben kwamen we aan bij de Glengyle distillery.
De distilleerderij is op dat moment niet in gebruik dus we zijn de enige die in de distilleerderij lopen. We maken een rondje door alle afdelingen en zien dat in tegenstelling tot Springbank hier wel alles met hightech apparatuur en computers bedient wordt. Ook is de ruimte veel economischer ingedeeld. De ketels zijn de oude ketels van Ben Wyvis waar de verbinding tussen de hals en de romp is veranderd. In plaats van bouten is de hals nu aan de romp gelast, dit is gedaan om een gladder geheel te krijgen.
Wat volgens de distillery manager een goede invloed heeft op de te ontstane whisky. We kunnen dat zelf pas over 10 jaar ondervinden want dan komt deze whisky voor het eerst op de markt en gaat dan Kilkarren heten. Hij wordt niet naar de distilleerderij genoemd omdat er al een blend whisky is met de naam Glengyle, uitkijken dus! Op de terugweg maken we weer een tussenstop in Oban waar we heerlijk Indiaans gegeten hebben, om half 10 komen we weer aan bij ons huisje en na een Longrow duiken de meeste hun bed in. Het was een mooie maar uitputtende lange dag.

5 oktober 2004

De wekkers gaan in ons huisje af en het is half negen, we gaan vandaag naar Edradour en het is erg slecht weer. Na een stevig ontbijt en een warme, zeg maar hete douche gaan we om half elf rijden. Het is nog steeds erg bar met het weer gesteld dus rijden we in een keer door. We komen aan om half een, precies de tijd die we hadden afgesproken. We hadden namelijk een maandje of 3 van te voren met Edradour gemaild of we een speciale tour konden krijgen.
Je krijgt namelijk op elke distilleerderij een beetje hetzelfde standaard verhaal te horen, en dat kennen we onderhand wel. We hadden dus een afspraak met mijnheer Henderson. De meeste kenners weten dat dat de distillery manager van Edradour is, we krijgen een speciale tour en er worden voor ons deuren geopend die voor andere bezoekers gesloten blijven. In het eigenlijke bezoekerscentrum komen we bijna niet, we lopen hier maar even naar binnen. Maar dit was allemaal later.

Eerst werden we ontvangen in een geheel nieuwe ruimte en wij waren de tweede groep die hier in mocht. Ian Henderson vertelde het een en ander over zijn leven als manager van verschillende grote distilleerderijen waaronder bijvoorbeeld Laphroaigh. Niet de minste dachten wij zo. Edradour is zijn 14de distilleerderij, hij is hier manager geworden op verzoek van Andrew Symington, de grote baas van het onafhankelijke label Signatory Vintage. Andrew heeft onlangs Edradour gekocht en mag zich de jongste distillery manager noemen.
Nadat Ian met zijn verhaal klaar is gaat er geproefd worden. Waar de andere bezoekers alleen de 10 jarige Edradour te proeven krijgen staat er voor ons iets meer op de plank. We krijgen om te beginnen een 10 jaar oude Signatory versie te drinken, die heeft de eigenschappen van de gewone Edradour maar toch ook nog iets extra's waardoor deze versie bijzonder goed smaakt. Daarna krijgen we dezelfde whisky maar dan de cask strenght uitvoering, heftig en nog eens heftig, maar wel met een mooie en goede smaak en neus. Als derde drankje krijgen we een glas met Edradour spirit. Zo uit de ketel in het glas, deze heeft dus nog geen hout gezien en is 70% alcohol. Als ze deze spirit in het vat gaan doen verdunnen ze hem tot 63,5 %. Zelfs in deze spirit uitvoering proef je al de karakteristiek van de Edradour distilleerderij.

Daarna volgt de tour door de distilleerderij en zien we dat Edradour echt de kleinste is van allemaal, hier wordt nog net als vele vele jaren geleden gewerkt. Er werken op de distilleerderij 3 mensen in vaste dienst en dan lopen er nog een paar jonge jongens stage. Edradour ontvangt per jaar 100.000 mensen die een tour komen doen en dus zijn er ongeveer 15 mensen in dienst die deze rondleidingen verzorgen. In de opslagplaats worden we geconfronteerd met een paar vaten die pas over een jaar of 10 op de markt komen.
Het is een Edradour spirit die erg peaty is, vandaar dat Andrew Symington zijn keuze op Ian Henderson gevallen is want die heeft natuurlijk ervaring met peaty whisky, ex-Laphroaigh manager. De whisky gaat Ballechin heten, zie foto. Het vat wat je hier ziet liggen is voor de zoon van Andrew, het is gemaakt op zijn geboortedag en hij krijgt hem op zijn 21ste verjaardag. Heeft hij meteen een klein fortuin. We eindigen de tour in de shop en Ian pakt nog een blaadje uit zijn kantoor met wat info waar we om gevraagd hadden. Nadat Ian een fles Edradour gesigneerd heeft moet hij weer aan het werk want ook een manager krijgt het niet voor niks. 

6 oktober 2004

Ieder doet die dag waar ie zin in heeft, foto's zeggen meer als woorden. Frans gaat met George een balletje slaan, ze zijn de enige op de hele golfbaan want het water komt met bakken uit de hemel, en die Schotten hadden natuurlijk al na 2 slagen de kwaliteit van onze boys gezien. foooorrrrrr Carlos en Frits praten over de zin van het leven en dat ze nu ook gewoon thuis met een whisky in de hand op de bank hadden kunnen zitten. Frits probeert alles zo mooi mogelijk te filmen, Eric heeft zijn twijfels?? Ronald en Frans bakken een eitje met bacon, heeeeeerlijk. Ikzelf ga maar een flessie opentrekken, puur voor de research natuurlijk, laten we daar niet over twijfelen.

7 oktober 2004

Nadat we gisteren een zogenoemde "rustdag" hebben gehad staat er voor vandaag weer het een en ander voor ons op het programma. Het is de bedoeling dat we vandaag een bezoekje gaan brengen aan de Speyside en wel aan The Balvenie gevolgd door een bezoekje aan Aberlour.Twee bijzondere distilleerderijen welke zoals zo vaak in de Speyside niet al te ver bij elkaar vandaan liggen. De reden waarom we voor The Balvenie hebben gekozen is heel duidelijk; deze distilleerderij is nog een van de laatste in Schotland waar men nog eigen moutvloeren in gebruik heeft. Dus het mooie pagode dakje bij deze distilleerderij is heer in ieder geval geheel op zijn plaats.
Op hun moutvloeren wordt voor ongeveer 15% mout geproduceerd voor de eigen productie. De rest van het mout wordt, net zoals bij andere distilleerderijen gekocht bij andere mouterijen. Deze distilleerderij ligt net boven het plaatsje Dufftown en de eigenaar van de distilleerderij is William Grant & Co. De ondernemende William Grant heeft in de jaren 1892 en 1893 de distilleerderij gebouwd nadat hij zes jaar daarvoor een van Schotland’s bekendste distilleerderij Glenfiddich al had gebouwd. Toen tijdens de Eerste Wereld oorlog alle distilleerderijen waren gesloten in Schotland als gevolg van een tekort aan gerst, waren de Grants de enige die bleven produceren om aan de vraag te voldoen.
Nadat deze legendarische persoon in 1923 stierf werd het bedrijf overgenomen door zijn zoon John Grant. Onder zijn bewind werd er een grote renovatie doorgevoerd op The Balvenie zodat er oa. een nieuwe malt kiln werd gebouwd en tevens kreeg de distilleerderij elektriciteit. Pas in 1957 werd het aantal stills verdubbeld van 2 naar 4 stuks.

Dan nu iets over Aberlour. De naam Aberlour betekent in het Gealic; monding van de luidruchtige beek, wat doelt op de Burn of Aberlour welke vlak langs de distilleerderij stroomt. Mogelijk was de zuiverheid van dit water toen de rede voor oprichter James Flemming de aanleiding om hier in 1879 de distilleerderij te vestigen, nadat de eerste distilleerderij in 1826 elders was gebouwd door James Gordon.  Maar sommige anderen zeggen: mond van de babbelende stroom. De distilleerderij ligt namelijk aan de voet van de Ben Rinnes, niet ver van de Linn of Ruthie. In 1898 is de distilleerderij ooit volledig verwoest geweest door een enorme brand welke het gevolg was van een explosie in de millhouse.
De distilleerderij werd in 1945 overgenomen door Campell Distillers en na de koop werd er het een en ander verbouwd in verband met achterstallig onderhoud na jaren van sluiting. Heel wat jaren later in 1973 werd de distilleerderij zelfs geheel afgebroken (behalve de warehouses) en opnieuw opgebouwd.Het aantal stills werd verdubbeld en zo dus ook de capaciteit welke momenteel zo rond de 2,5 miljoen liter per jaar ligt. Uiteindelijk is in 1974 Campell Distillers onderdeel geworden van Pernord Ricard.

We vertrekken die ochtend om een uur of 10. De route die we gaan rijden is eigenlijk voor het grootste deel het zelfde als 2 jaar terug toen we naar Glenmorangie gingen. Dus weer langs de westkant van het meer van Loch Ness.Alleen hier gingen we bij Inverness verder naar het noorden en zullen we hier nu rechtsaf slaan richting de Speyside. Al is het voor een groot deel dezelfde route, dat maakt verder niet uit; het rijden door Schotland is gezien de prachtige views bepaald geen straf! Daarom wordt er ook nu weer heel vaak gestopt voor de nodige fotostops. Ook deze keer hebben het monster van Loch Ness niet gezien, die horen en zien we meestal s’avonds laat als er de nodige Whisky de keeltjes heeft gepasseerd.
Gaandeweg de trip blijkt het toch iets langer rijden te zijn dan we hadden ingepland, dus onze afspraak om 12.30 uur gaan we duidelijk niet halen. Maar we besluiten om bij aankomst maar te zien of het nog de moeite is hun te bezoeken. Wanneer we dan zo tegen 13.00 uur komen binnenvallen, leggen we onze begeleider even snel uit dat we eigenlijk al over een uur bij Aberlour worden verwacht. Maar goed, de gids snapt onze bedoeling. Hij gaat ons in rap tempo (allright come on guys, let’s not waste more  time), de meest interessante zaken van hun distilleerderij laten zien. Na 5 minuutjes lopen komen we bij het gebouw met de moutvloeren waar zojuist ook een wagen met gerst wordt gelost.
Onze traditioneel geklede gids legt het ons in rap tempo eventjes piekfijn uit. Opmerkelijk is toch wel dat je net zo makkelijk met je schoenen in de gerst mag staan welke op dat moment gedroogd wordt door de rook. Onder het motto; elke aanwezige bacterie zal bij het distilleren zelf worden vernietigd door het hoge alcoholpercentage.Dit alles is wel een aparte ervaring natuurlijk.En toch zeker voor de echte Malt liefhebber een geweldig iets om te zien hoe het er op die moutvloeren aan toegaat!

In de distilleerderij zien we 4 wash stills en 5 spirit stills welke met stoom worden gestookt. Hiervoor staan er verschillende boilers om de stoom op te wekken en de restwarmte die er nog overblijft, wordt gebruikt om de gebouwen van de op een steenworp naastgelegen distilleerderij van Glenfiddich enigszins te verwarmen en niet andersom zoals ik elders gelezen heb!! Wanneer we uiteindelijk na een half uurtje The Balvenie verlaten, lopen we weer langs Glenfiddich en onze vriendelijke Schot vraagt ons of we nog tijd en interesse hebben om hier eventjes snel binnen te kijken. Dat geven we dan maar snel gehoor aan.
Deze distilleerderij doet wel heel erg denken aan een fabriek, heel kolossaal en erg modern. In mijn beleving is hier weinig aan nostalgie terug te vinden. Er staan hier verdeeld over 2 stillhouses maar liefst 30 stills; 10 wash stills en 20 spirit stills. Vijftien van deze stills worden met kolen gestookt, dertien met gas, maar kunnen ook op kolen en twee worden er uiteindelijk verhit met stoom. Over de productiecijfers wil men net als bij The Balvenie helemaal niets kwijt. Uiteindelijk krijgen we nog even de kans een lekkere Balvenie te nuttigen. Dit doen we in een ontvangstruimte welke volhangt met foto’s van de familie Grant de oprichter en eigenaar van de ‘fabriek’ Glenfiddich en de authentiek The Balvenie. Al napratend over onze belevenissen bij The Balvenie / Glenfiddich eten we nog snel een boterhammetje en haasten we ons weer snel naar de volgende distilleerderij waar we om 14.00 uur worden verwacht: Aberlour.

Ook hier worden we weer vriendelijk ontvangen in de vooraan gelegen winkel, waarna we samen met een ander gezelschap vertrekken naar een presentatieruimte. Uiterst professioneel wordt m.b.v. een beamer hun presentatie over whisky en Aberlour aan ons verteld. Hierna volgt een rondleiding door de distilleerderij waarin zich 2 wash stills en 2 spirit stills bevinden welke middels stoom worden verwarmd.De vergisting vindt hier plaats in zes roestvrijstalen vaten en ook bij deze distilleerderij wordt de rest warmte welke nog over is gebruikt voor verschillende verwarmingsdoeleinden zoals onder andere het indampen van de pott die later als veevoer dient. Zo te zien is de besturing van het proces vrij modern nl. met computers. Wanneer we dit alles weer achter ons laten, gaan we met zijn allen naar een speciale proefruimte, waar een aantal mooie amberkleurige malts voor ons klaarstaat. Zeker niet de minste whisky’s.

Er worden ons 6 verschillende malts voorgeschoteld en wel de volgende:
1e:  een direct uit de spirit still
2e:  bourbon cask finish
3e:  sherry cask finish
4e: 10 jaar oud
5e: 16 jaar
6e:  A'bunadh

Ik moet zeggen dat onze gids bij deze speciale nosing en tasting sessie er wel iets speciaals van weet te maken! Op een leuke en boeiende wijze weet hij heel duidelijk te vertellen wat je nou eigenlijk precies zou moeten ruiken en proeven. Nadat ik in het begin wat sceptisch over hem was, ging ik toch wel wat anders over hem denken en ook meer waarderen. Je kreeg er ook nog de mogelijkheid om er je eigen whisky te bottelen, maar daar hing dan wel een prijskaartje van 50 pond aan. Niet echt een prijspakkertje dus. Conclusie: ook deze distilleerderij was wat mij betreft voornamelijk door de geweldige nosing en tasting sessie zeer zeker de moeite waard! Rest ons nu voor deze dag nadat we in het plaatsje Aberlour nog wat boodschapjes hebben gedaan weer een lange rit naar ons huisje in Daingean. Wanneer de "The Lucky 7" zich in de auto hebben geïnstalleerd, wordt het gedurende de terugreis steeds stiller achter in de auto.

8 oktober 2004

Vandaag hadden we Auchentoshan op het programma staan maar met z’n allen de vorige avond besloten deze af te melden en doorrijden naar Edinburgh waar vandaan wij de volgende dag weer naar Nederland zouden vertrekken. De reden voor het afzeggen van Auchentoshan was simpel een kwestie van en tekort aan tijd, we hadden om 14:00 een afspraak in de distilleerderij en aangezien men voor een tour zo’n twee uur kwijt is zou voor Edinburgh te weinig tijd overblijven.  Na het ontbijt en schoonmaak van ons huisje de auto weer volgeladen en richting Edinburgh gekoerst. Onderweg nog even gestopt voor en plasje en een kopje (zeg maar soepkom) koffie. Met behulp van ons GPS vriendje hadden we ons van te voren geboekte Bed & Breakfast vrij snel gevonden, het was inmiddels al 15:30.

Nadat we onze tassen in het hotel gedropt hadden en onze wandelschoenen aangetrokken hadden, zijn we op pad gegaan om het een en ander van de stad te zien. Na tien minuten lopen hadden we al uitzicht op The Castle of Edinburgh. Het kasteel ligt midden in de stad, bovenop een heuvel die een overblijfsel is van vulkanische activiteiten lang geleden. Het is een van de beroemdste kastelen van het land waar de geschiedenis van de stad en de Schotse natie is begonnen. Hierbinnen bevinden zich onder ander de schotse kroonjuwelen en de zogenaamde Stone of Dentiny, de kroningssteen van de Schotse koningen. Na een stevig klimmetje kwamen bij de ingang van het kasteel aan.
Gezien de entreeprijs en de tijd die we nog over hadden zijn we niet naar binnen gegaan maar verder gaan lopen richting High Street, langs het oude St. Giles Cathedral. Edinburgh beschikt over een groot aantal Kerken waarvan enkele zeer oude. Een van die kerken is de St. Giles Cathedral aan de High Street, een gedeelte van de “Royal Mile”. Het oudste gedeelte van deze kerk is uit de 12e eeuw. De kerk is hoofdzakelijk gebouwd met de voor Edinburgh zo typische grote natuurstenen blokken.

Lopend over de North Bridge hadden we een prachtig uitzicht over de Calton Hill. Dit is een van de belangrijkste heuvels midden in de stad waarop een replica van een Atheense acropolis is gebouwd. Deze acropolis is in feite en niet afgemaakte monument uit 1822 en bedoeld als een monument ter nagedachtenis aan diegene die stierven in de Napoleonse oorlog. Via de Princes Street, de belangrijkste winkelstraat van Edinburgh, onze zoektocht voortgezet naar de Rose Street, volgens de hotel manager een leuke straat met veel pubs en restaurants.  Hier doken we in leuke pub in, dronken we enkele "vazen" bier en moesten hartelijk lachen om een behoorlijk aangeschoten Schotse dame die avances maakten naar ons. Vooral "Bad Boy" Frans, zoals hij door haar werd genoemd, moest het ontgelden, hij maakte toch wel indruk op haar. Van bier krijgt men honger, na een heerlijke Chinese rijsttafel weer teruggegaan naar ons hotel om wat op te frissen.

Zaterdag avond is de uitgaansavond hier in Edingburgh daarom besloten wij om ook vanavond de bloemetjes buiten te zetten. Deze stad beschikt over heel veel pubs en disco’s. Het voornamelijk jonge publiek gaat hip gekleed van pub naar pub, de dames zeer schaars gekleed terwijl wij in dikke jassen en truien waren gehuld. Wat erg opviel daar was de geestelijke toestand van het jonge volk wat laat op de avond. Toen wij rond 00:30 weer terugliepen naar ons hotel viel ons allemaal op dat de straten in deze stad bewolkt werd door veelal dronken mensen, jong en oud. Er heerste en vrij gespannen sfeer, regelmatig scheurde een ambulance en/of  een ziekenwagen met loeiende sirenes voorbij, hier en daar was de politie doende om vechtende jongeren uit elkaar te halen. Ook stonden tientallen M.E.’ers paraat om indien nodig snel in te kunnen grijpen als het helemaal fout zou lopen. Ondanks dit alles is ons bezoek aan deze stad de moeite waard geweest.

9 oktober 2004

Na een gezellige avond in Edinburgh te hebben doorgebracht, was het de volgende morgen weer tijd om richting Holland te vertrekken. Rond 07.15 uur stonden er al enkele naast hun bed om zich gereed te maken voor de terug reis. We hadden afgesproken rond 10.00 uur te willen vertrekken vanaf het Guesthouse Braveheart, direct na het ontbijt. Het ontbijt begon rond 08.30 en was zeer verzorgt, en bestond uit de volgende keuzes:
. Haggis, black pudding and porridge
. Toast and fresh coffee or tea
. Corn flakes, crispy rice and fruit & fibre
. Orange juice / apple juice
. Bacon, egg & sausage
. Scrambled, boiled, poached or fried eggs
. Wide selection of jams

De meeste van ons groepje namen de scrambled eggs, bacon & sausage met koffie en-of orange juice. Rond 09.30 was iedereen wel z'n beetje gereed, Ronald en Frits gingen de auto ophalen terwijl de rest hun koffers van de kamers gingen halen. Iets voor 10.00 uur reden we weg van het Guesthouse richting vliegveld, gelukkig gebruikte we het GPS systeem om de stad uit te komen anders zouden we ons een ongeluk zoeken naar de juiste weg aangezien de bewegwijzering in Edinburgh niet erg duidelijk is.

Rond 10.30 arriveerde we bij het punt waar we de auto konden inleveren en na een korte check van deze firma gingen we met een bus richting vliegveld om in te checken. Nadat dit ook gebeurt was zijn we nog enkele kleine inkopen wezen doen voor de vrouw en kinderen (je kan tenslotte niet thuis komen na een week, zonder iets mee naar huis te nemen). Aangezien het voor de meeste van ons niet interessant was om Schots geld mee terug te nemen, was er de laatste dagen niet meer geld uit de automaat gehaald in de hoop er net mee uit te komen. Echter er ontstond grote hilariteit omdat sommige net enkele penny's te kort kwamen en er bij iedereen uit de broekzakken de laatste muntjes werden gevist om zo de laatste inkopen te kunnen betalen. Toen iedereen zijn cadeaus had zijn we langs de douane gegaan en gaan wachten op het inchecken om aan boord te gaan.

Het vliegtuig vertrok rond 13.05 uur Schotse tijd ( 14.05 uur Nederlandse tijd) van de startbaan richting Holland waar we rond 15.15 uur Nederlandse tijd weer landen. Uiteraard moesten we langs de douane om van daaruit weer de koffers van de lopende band te op te halen, na enige oponthoud bij deze lopende band hadden we eindelijk onze koffers toch te pakken en moesten we weer langs een controle punt. Een controle punt als dit is op zich nog geen probleem echter wordt dit wel als er voor enkele honderden mensen maar 1 enkele controle punt is waar je per persoon door heen moet en dus weer een behoorlijke oponthoud geeft voordat je uiteindelijk aan de beurt bent.
In de ontvangsthal namen we afscheid van Wim die werd opgehaald door z'n vriendin Marian. Nadat we via de pendelbus tussen Schiphol en de parkeerplaats de auto hadden bereikt en na een uur in de auto in Dordrecht aan kwamen wees de klok 17.45 uur aan. Na een kort afscheid van Frits die zijn auto bij Wim thuis had staan en nog een klein uurtje naar Hellevoetsluis voor de boeg had, werd Ronald door Eric thuis gebracht en Carlos en Frans door George. Al met al was het weer een zeer geslaagde week in Schotland waar we veel hebben gelachen, de natuur hebben verkent, veel gezien en geleerd omtrent het whisky distilleren in het algemeen. Hopelijk gaan we over 2 jaar weer ( is wel de planning), echter misschien niet weer naar het huisje zoals de laatste 2 keren, maar naar het eiland Islay.
Ontour02
Ontour03
Whisky Trail 2004
Visits at;
Springbank Distillery
Glengyle Distillery
The Edradour Distillery
The Balvenie Distillery
Glenfiddich Distillery
Aberlour Distillery